menno wieringa
contact
woord | beeld
  1 - 2 - 3 - 4 - 5 - 6 - 7 - 8


 

Wiskunde

Iedere avond als het nog niet helemaal donker is
is daar ineens een kleine vleermuis
hij vliegt zijn figuren met wiskundige precisie
zoals een zwaluw vloeiende curven maakt
zo vliegt de vleermuis in hoeken en rechte lijnen
ik zie de stelling van Pythagoras

 

Betreden op eigen risico

Er staat een klein bord in het dorp
kathedraal
dat is alles

een achterafweg
links en rechts wat huizen
weilanden eiken- en berkenbos

betreden op eigen risico

stapels trottoirbanden
tegels met en zonder ribbel
stenen klinkers en rioolbuizen

taps toelopende torens
van gestapelde tegels
stenen trappen
ritmisch slingerende muren
hier en daar al aan het oog onttrokken
door bomen struiken
begroeid met mos

een reis door een verre jungle
resten van een half vergane tempel
van een ongekende beschaving

met de hand gestapeld
overwoekerd
ingehaald door tijd

ooit begonnen als een kaal stuk land
waar de gemeente haar
afvalstenen stortte

het atelier van restmaterialen
oogt verlaten

door de ramen
een verspocht stilleven
van tafels flessen potten
doeken aan de wand
vervallen als de tempel zelf

een vivre-mort
vol leven
terend op groei en mensenhand

 

Parijs 1940

’s ochtends vroeg
van bed gelicht
marsorder
naar voorpost

daar overleg
diner
uniformen

per condor verder
naar de hoofdstad

verslagen
ligt ze daar
in diepe rust

aankomst voor dageraad
rondrit in open auto’s
zorgvuldig voorbereid

als slot de opera
de Keizerlijke loge

bezoek afgelopen
geen levende ziel gezien

half tien
het luchtschip
vliegt nog tweemaal rond
de stad verdwijnt
en keren niet meer terug

zij
blijkt minder imposant

vernietiging is niet meer nodig

 

Notities van een vuurmeester

Een grote overhangende rots
daaronder het kamp voor de komende dagen
uitzicht op de steile heuvels
bekleed met groen
laaghangende wolken

hout verzamelen
het vuur
dat niet meer uit zal gaan

onder ons de grensrivier
waar de smokkelaars
met de contrabande op hun rug
de trappen des doods beklommen

het natte hout eerst drogen
houtskool om te roosteren
grote blokken voor de nacht

regenwater sijpelt door de rotsen
daags omhoog voor voorraad
hout
het ritme van de dag

ons venster op de wereld
klein maar oh zo weids
de geluiden
geuren

de laatste voettocht
ontregeld
als de tienduizend
naar de bewoonde wereld

de snelweg gaat te hard

in de stad klinkt het alsof
ik weer kan horen

 

Geheugen

Via zijn rechter oor stapte hij
zijn hoofd binnen
schemering
een lange gang met deuren
limbische gebieden stond er op één daarvan

het stormt als de stoet aankomt bij Moskowa
de auto’s rijden achterom waar we
uit moeten stappen
ineens besef ik dat ik nu
de oudste ben van de familie




Gerard Bilders

Vroeg op pad
ik fiets de heuvel af
het is nog koel

in de schaduw van een oude beuk
liggen koeien
wachtend op de hitte die komen gaat
kauwend en stomend

Betuws landschap bij opkomend onweer
Wodanseik Zomerweelde

hoestend en rochelend
schilderde hij de omgeving
op zoek naar een toon
die hij gekleurd grijs noemde
het Barbizon van het noorden

in onmin met zijn mecenas
op De Hemelsche Berg

ik zie nog steeds die schilderijen

Genève St Ange Brussel Amsterdam
telkens kwam hij terug

nauwelijks volwassen
is het afgelopen

het houthakkersdorp in het forêt
de Fontainebleau heeft hij nooit gezien

mijn dorp heeft een weggetje naar hem vernoemd.




Vesuvius

de gids gaat ons voor
al prevelend
de kale berg op
gids van vader op zoon

je ziet hoe de berg zich verheft
de baai de stad
verder weg eilanden

grommend en reutelend
dan weer donderend
pyroclastische stromen uitbrakend
vuurtoren

zo moet Emma Hamilton hem gezien hebben
eeuwige schoonheid
gekoppeld aan haar gezant en vulcanoloog
met haar geliefde Horatio Nelson
hij op zoek naar de Franse vloot
Napels aandoend

ooit de mooiste stad van het heelal
paradijs en vagevuur
Koninkrijk der Beide Siciliën

nu hooggehakte vrouwen
in gehuurde gympen
plasticzakken als sokken
aan de staart van de groep

het vuur van de revolutie
heeft de stad niet echt bereikt
de republiek bestond vijf maanden
Maria Carolina was geen
Marie Antoinette

eindelijk boven
is het koud
een gammel café
met werkstudent en terras
een molentje met ansichtkaarten

snel verdwijnt de top in de wolken

geen uitzicht geen geschiedenis


 


 











…T.S.Eliot zei eens tegen me: Behalve door
zelfkritiek en voortdurende oefening is er maar
één andere manier waarop een dichter zijn
eigen schrijven kan ontwikkelen. Dat is door
andere poëzie hardop te lezen en het geeft
niet of hij het begrijpt of niet ( d.w.z. zelfs als
het in een andere taal is )  In de allereerste
plaats is het van belang het gehoor te ont-
wikkelen, je eigen stem te verbinden met een
oneindig scala van verbale ritmes en reeksen,
en alleen door eindeloze werkelijke ervaringen
kan je gehoor dat allemaal opslaan in je zenuw-
stelsel. De rest kun je overlaten aan je leven en
je karakter.

Uit “Ik wil nooit vergeven worden” Ted Hughes

 

 




Het is een schrale troost te bedenken dat Mesopotamie
ooit zo rijk is geweest, zo vruchtbaar op het terrein van
de kunsten en uitvindingen, zo gastvrij voor de Summe-
riers, de Seleuciden en de Sassanieden….
Het belangrijkste feit in de Mesopotamische geschiedenis
is  dat Hulaga in de 13 de eeuw het bevloeiingssysteem
heeft verwoest en dat sindsdien  Mesopotamie het land
van de modder is gebleven, verstoken van enig voordeel
van modder, namelijk: natuurlijke vruchtbaarheid.

Robert Byron- Op weg naar Oxiana

 











…Ik wilde tot aan mijn proto droomhuis lopen,
mijn crypto droomhuis, die scheve kist
op palen getimmerd van groene overnaadse planken,
een soort artisjok van een huis,  maar groener nog
( geloogd met bicarbonaat soda? )
tegen voorjaarsvloedgolven beschermd door
een omheining van- zijn het bielzen?
( Veel aan dit bouwsel is twijfelachtig)
Ik zou me daar willen terugtrekken en niets doen
of bijna niets, voor altijd, in twee kale kamers
door een verrekijker turen, saaie boeken lezen,
oude, dikke, dikke boeken en nutteloze notities maken
in mezelf praten en , op mistige dagen,
kijken hoe de druppels neer glijden, zwaar van het licht.

Uit:  Eind maart.   Elizabeth Bishop














 









 












…..en vooral in de vrachtwagens, bewegende afgesloten
ruimtes van een bijna altijd aanwezige, vrijwel altijd

verborgen zinnelijkheid. Vanaf de eerste dagen hebben
we ze leren herkennen: Ze arriveren met een brul die
misschien deel uitmaakt van de geheime codes van de
weg, een wachtwoord voor anderen, beschikbaarheid.
Bij het vallen van de avond beginnen zij achter elkaar
of evenwijdig  aan elkaar te parkeren: een heimelijk
verkeer van silhouetten, van dialogen weeft zich in de
oprukkende schaduwen. Te midden van hen geniet
Fafner van het respect dat een klein busje afdwingt, er
zijn handen die omhoog gaan in een vriendschappelijke
groet, er zijn betrokken lachjes. De grote parkeerplaatsen
met een benzinestation, een winkel en bijna altijd een res-
taurant zien iedere avond een kleine veranderlijke eendags-
stad geboren worden, die maar eenmaal zal bestaan om te
worden vervangen door een andere die erop lijkt, maar an-
ders is, de volgende dag. Ineens is de stad af, en de meest
internationale stad van de wereld met Bulgaarse, Franse,
Duitse, Spaanse, Griekse, Belgische huizen, diepe huizen
met opschriften en grote doeken waaronder  het mysterie
wordt bewaard; huizen met vele vertrekken, met keukens,
wc’s, televisie, lichten; huizen waarin een paar woont of een
man of een vrouw alleen, soms honden, soms kinderen en
altijd butagasstellen, flessen wijn en bier, geuren van soep
en patates frites….

De Autonauten van de Kosmossnelweg –
                  Julio Cortazar & Carol Dunlop